Screening bevestigt N-VA-visie op hervorming Secundair Onderwijs

Door Kris Van Dijck op 30 april 2015, over deze onderwerpen: Vlaams Parlement

Deze namiddag worden in de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement de conclusies voorgesteld van de screening van de 29 studiegebieden in het voltijds secundair onderwijs. De N-VA is tevreden dat deze screening nu op tafel ligt. Ze bevestigt de N-VA-visie op de hervorming van het secundair onderwijs: behoud wat goed is en stuur bij waar nodig. “Het is één van de gerichte maatregelen die werden opgenomen in het masterplan hervorming Secundair Onderwijs”, verduidelijken Kris Van Dijck en Koen Daniëls, beiden onderwijsspecialisten van de N-VA. “We kunnen niet genoeg hameren op het belang van deze screening. Een betere afstemming van de studierichtingen in het secundair onderwijs op de arbeidsmarkt én op het hoger onderwijs is immers een van de belangrijkste uitdagingen waar we voor staan. Bovendien is het huidige studieaanbod een onoverzichtelijk kluwen geworden met 256 studierichtingen.” “Heel dat kluwen samen met het tot op heden niet duidelijk zijn welke studierichtingen welk perspectief bieden, zet ook een goede oriëntering op de helling” stelt Daniëls. “Hoe kan je immers van klassenraden, leerlingen en ouders verwachten een goede keuze te maken, als we ze tot op heden niet konden uitleggen wat de verschillen tussen sommige richtingen zijn of hun aangetoonde toekomstkansen.” “Een probleem dat hiermee samenhangt, is dat er heel wat studierichtingen amper perspectief bieden. Het zijn de zogenaamde “doodlopende straatjes”, die vaak rechtstreeks leiden naar werkloosheid of niet slagen in het hoger onderwijs “vult Van Dijck aan. De screening legt de vinger op de wonde en toont duidelijk aan dat een aantal studierichtingen qua doorstroming en studierendement erg problematisch zijn. “De screening is een onmiskenbare schakel naar een rationeler en beter studieaanbod. Ze toont aan dat het voor sommige richtingen nodig is om de inhoud aan te passen en/of te clusteren op basis van de beroepskwalificaties. Al is het niet al kommer en kwel.”, vat Daniëls samen. “Zo bevestigt de screening dat heel wat studierichtingen uit ASO, maar ook TSO en BSO goed voorbereiden op arbeidsmarkt of het hoger onderwijs of beiden. We moeten ons behoeden om al te snel te concluderen dat we een richting moeten schrappen, maar moeten ook niet te beroerd zijn als alle knipperlichten op rood staan daadwerkelijk “de rode pen” boven te halen.” Van Dijck ziet in deze screening ook de bevestiging dat het ASO grotendeels voldoet aan zijn finaliteit, al moet er voor een paar studierichtingen wel een bijsturing komen. De klassieke studierichtingen en de sterke wiskunderichtingen kunnen uitstekende resultaten voorleggen qua participatiegraad en studierendement in het hoger onderwijs. Daarnaast voldoen ook de wiskundige studierichtingen, zoals industriële wetenschappen in het TSO aan de verwachtingen. “Daar zijn we heel blij om. Het bevestigt immers wat we altijd al benadrukten: behoud wat goed is en stuur bij waar nodig. En laat dat nu net de kracht van verandering zijn. Enkel op die manier kunnen we het Vlaamse onderwijs aan de top houden voor elke leerling in elke studierichting.” , besluit Van Dijck.

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is