Een korte nacht en een drukke zondag maakt dat ik tegen de gewoonte in pas op zondagavond aan het schrijven geraak. De afsluiter van opnieuw een bijzondere week waar we tegen de gewoonte in al op donderdagavond college hielden in plaats van de vrijdagvoormiddag. Niet getreurd, want dingen genoeg om te doen, waardoor de dag vlug gevuld was. Iets na de middag nam ik deel aan het protest van het georganiseerd Iraans verzet in Brussel en in de vooravond ontving ik een ruime delegatie van de Boerenbond met voorzitter Lode Ceyssens op kop die protesteren tegen het Mercosur-handelsverdrag. Beiden verdienen als afsluiter van de week mijn bijzondere aandacht.
Iran
Ik was een tiener toen in Iran de revolutie uitbrak waarbij de Sjah, Mohammad Reza Pahlavi, onttroond werd. Dat Iran op dat moment heel westers was staat buiten kijf. Maar het bewind was op z’n minst gezegd zeer autocratisch en autoritair met een eenpartijstelsel en een geheime politie die politieke tegenstanders hard aanpakte. Rijkdom in de steden en armoede en honger op het platteland was de voedingsbodem voor een revolutie. Zo is het vaak. Waar honger heerst, is het niet moeilijk de mensen in opstand te krijgen. Bij het referendum van 1979 wees het volk de rijkdom en glitter van de Pahlavi’s af en koos voor een islamitische republiek waarbij men van de klaveren naar de biezen liep. De nieuwe theocratische staat voerde de sharia in, legde strenge religieuze regels op, ontnam vrouwen hun rechten en legde hoofddoeken en boerka’s op terwijl gevangenissen gingen uitpuilen van politieke of religieuze tegenstanders evenals westerlingen die als gijzelaars gebruikt worden.
In de Islamitische Republiek Iran worden de president en de parlementsleden democratisch verkozen, maar de Raad van Hoeders moet de kandidaturen goedkeuren. Deze instantie heeft bovendien de macht om wetten van het parlement ongedaan te maken wanneer zij vindt dat deze in strijd zijn met de islamitische wet. Het komt regelmatig voor dat de Raad wetten ongedaan maakt of hervormingsgezinde kandidaten weigert. De Religieuze Leider van Iran heeft de hoogste functie van het land. Sinds de stichting van de Islamitische Republiek waren er twee Religieuze Leiders: Ayatollah Ruhollah Khomeini van 1979 tot 1989 en Ayatollah Ali Khamenei sindsdien.
Eenmaal in het Europees parlement vervoegde ik de parlementaire vrienden voor een vrij Iran, participeerde aan verschillende overlegmomenten in Brussel en Straatsburg, nam initiatieven voor de vrijlating van professor Djalali die al vele jaren in een Iraanse cel aan het verkommeren is om in september vorig jaar spreker te zijn op een massaal bijgewoonde demonstratie van het Nationaal Congres van het Iraans Verzet op de Heizel. Vrijdag toog ik dan door weer en wind naar Brussel om mijn steun uit te spreken aan de moedige mannen en vrouwen die nu in Iran met gevaar voor eigen leven op straat komen.
De lijn die ik in deze aanhoud is zeer duidelijk. Ik steun allen die opkomen voor een democratische samenleving, liefst een republiek, waarbij meerdere partijen hun ding kunnen doen, rechten van vrouwen en zowel etnische als religieuze minderheden gerespecteerd worden, waar onafhankelijke rechters waken over de rechtsgang, de doodstraf afgeschaft wordt en vrije meningsuiting een grondrecht is. De volgende dagen zal ik dan ook met argusogen de situatie in Iran blijven opvolgen en mijn stem laten horen.
Boerenbond
Na de regen en storm in Brussel keerde ik terug naar Dessel. Om 17 uur zou ik er samen met schepenen Willy Broeckx en Herman Minnen een delegatie van de Boerenbond ontvangen. De nationale voorzitter Lode Ceyssens en ondervoorzitters van de boerenbond aangevuld met lokale bestuursleden met tractor en foodtruck kwamen mij symbolisch het laatste stoofvlees, vide en Antwerpse handjes aanbieden. Rundsvlees, kip en suiker van eigen bodem zullen omwille van het Mercosur-vrijhandelsverdrag weggeconcurreerd worden is hun vrees.
In een wereld die ongelofelijk snel aan het veranderen is, de grootmachten Amerika, Rusland en China de wereldkoek onder elkaar aan het verdelen zijn, kunnen we als Europa niet achterwege blijven. Wanneer wij geen betrouwbare handelsbetrekkingen kunnen uitbouwen dreigen we de paria’s van het wereldtoneel te worden. Welvaart en welzijn zal krimpen voor wie na ons komt. Die verantwoordelijkheid wil ik niet op mijn schouders nemen. Ik ben dus voor het akkoord met de Mercosur-landen want het gaat over veel meer dan landbouw en voedsel alleen. Het gaat over vrijhandel waar zware importheffingen wegvallen en ook wij voordeel uithalen. In 2024 voerde Vlaamse bedrijven voor 3 miljard euro uit naar Argentinië, Brazilië, Bolivia, Paraguay en Uruguay. Een export die met 40% kan toenemen terwijl nu al een job op drie in Vlaanderen exportgerelateerd is. Vlaanderen zal er dus wel bij varen.
De realiteit rond landbouw is inderdaad complex en boezemt daarom ook vrees in. De overeenkomst bevat strikte quota voor categorieën variërend van rundvlees tot gevogelte. In feite zullen Latijns-Amerikaanse boeren beperkt worden tot de export van een paar kippenborsten per Europeaan per jaar. Tegelijkertijd biedt de overeenkomst speciale bescherming aan Europese producenten. Extra geld voor de landbouw in tegenstelling tot een inkrimping die voorzien was. Waar de commissie voor de volgende begroting een vermindering van 20% voorzag van de voor de boer gegarandeerde middelen, zal dit ook na 2027 293,7 miljard euro blijven met indien nodig een 45 miljard euro extra om te compenseren.
Bij een stijging van de importvolumes van gevoelige landbouwproducten met 5% of een daling van de prijs met 5% waardoor onze boeren het leven zuur gemaakt wordt, wordt de vrijhandel opgeschort. Remmen zijn dus ingebouwd waardoor je bezwaarlijk van een landbouwapocalyps kan spreken.
Desalniettemin neem ik de vrees en de bekommernis van de landbouwers ernstig. Monitoring blijft belangrijk terwijl de eerlijkheid mij behoeft te zeggen dat vroegere handelsakkoorden nooit een verlies voor onze landbouw tot gevolg hadden. Onze producten zijn van wereldklasse laat ons dan ook met open vizier de wereld tegemoet treden.
Kris van Dijck
Dessel, 11 januari 2025